Column Jacques Giesen: Kerstmis dwaasheden
Gedurende mijn hele bewust ervaren leven- al meer dan tachtig jaar- gooi ik mijn ergernis over de steeds groeiende kerstmis dwaasheden voor de voeten van iedereen die al dan niet naar mij wil of moet luisteren.
Ik verketter elk jaar de ongebreidelde kooplust, de hijgerige romantiek van het kindje dat vrede zou brengen. Ik zeur tegen mijn vrouw over het kopen van al die kerstcadeaus, over die onzalige luxe en doe het kopen van een kerstboom af met ' en dat is ook nog een heidens gebruik'. Te veel mensen, zo vond ik, lieten zich meeslepen door de illusie van de schitterende sterren aan de duistere december
hemel en de brandende kaarsen in het donker, deden de rest om de mens even zielsgelukkig te laten zijn. Ik verfoei deze mentaliteit ten diepste.
Evenwel oud en wijs geworden wil ik van dat gezanik af. Ik moet mij opnieuw uitvinden, fris en met open vizier kijken naar wat er nu in mij omgaat. Kijken wat er gebeurd. De kerstplanning met alle directe familieleden verliep rustig. Eerder
verliep dat wat moeizamer vanwege de familiale kruisvariaties door de verscheidenheid in relatievormen. Daar is op dit moment een zekere stabilisatie in gekomen.
Dan de huidige situatie aan mij laten gebeuren: in Valkenburg was het te veel te druk voor deze kwieke bejaarde. Daarom mopperend wegwezen. Bij het parkeren onder het Vrijthof in Maastricht werd ik overvallen door schreeuwende KER-MIS muziek, verloor mij in rijen kraampjes met talloze snuisterijen, glinsterende kerstboomversieringen en flikkerende huisversieringen voor binnen en buiten. Op de schaatsbaan een drukte van joelende en jubelende grote en kleine kinderen en daar bovenuit het reuzenrad met krijsende stemmen van plezier of angst. Een werkelijk oorverdovend Magisch Maastricht, terrassen overvol en groepen juichende jong volwassenen in het gewoel van de mensenmassa.
Ik dool als een dwaas door de volgepakte winkelstraten en snuif geen welbehagen
en de feestelijke verlichting verlicht mij niet. Ik raak vermoeid en rij naar huis en voel alle verzet tegen het kerstfeest opnieuw onder mijn huid kruipen. Het zeuren gaat weer beginnen. Ik krijg geen nieuw perspectief te pakken. Thuis, uitgeput gezeten naast mijn vrouw en kijkend in haar zachte blinkende ogen weet ik zeker dat het weer gebeurt, ook dit jaar. Bij het diner op Kerstdag met alle dierbaren om
me heen voel ik het aardse en het hemelse weer smakelijk in elkaar verzinken en dus verdwijnt en ontdooit dan opnieuw mijn anti- kerstverzet. Mijn veel te grote idealen blijken dan plots heel klein en zeer nabij met een goed glas wijn. En precies als alle andere jaren raak ik natuurlijk weer overmand door een overheerlijke, hemelse rust.
Als dan even een stilte valt, mompel ik net zoals vorig jaar, een beetje beschaamd en met een onzekere glimlach 'lieve schatten, fijn dat jullie er zijn, wat een zalig kerstfeest'.
Ja, zo zal het ook dit jaar weer geschieden. Ben ik een vreemd mens?
Jacques Giesen



